Skip to content
Gløde Gløde
Opwarmtijden en opwarmruimte bij koude werkplekken

Opwarmtijden en opwarmruimte bij koude werkplekken

Opwarmtijden en een goede opwarmruimte zijn een kernmaatregel bij koud werk. Zonder geplande opwarmpauzes en een verwarmde ruimte stapelt de koudebelasting zich op — met gevolgen voor gezondheid en veiligheid.

Medewerkers warmen op in een verwarmde opwarmruimte naast een vrieshuis

Opwarmpauzes goed plannen

Breed gehanteerde richtlijn

  • Onder −20 °C: verblijf maximaal circa 45 minuten, gevolgd door minimaal 10 minuten opwarmen op kamertemperatuur.
  • Tussen −10 en −20 °C: minimaal een half uur pauze na 2 uur werk.
  • Bij minder extreme, maar toch belastende temperaturen: pauzes volgens de RI&E.

De opwarmruimte

Een goede opwarmruimte ligt dicht bij de werkplek en is verwarmd tot circa 18 °C. Belangrijk zijn:

  • De mogelijkheid om kleding en handschoenen te drogen en op te warmen.
  • Warme dranken en zitgelegenheid.
  • Voldoende ruimte voor de ploeggrootte.

Zie ook het Arboportaal over werken in de koude.

Warmte vermindert het afkoelen

Opwarmpauzes blijven verplicht. Een verwarmde bodywarmer als kernlaag zorgt er wel voor dat medewerkers tussen de pauzes langzamer afkoelen en sneller herstellen — een zinvolle aanvulling, geen vervanging.

Dit artikel geeft algemene informatie en is geen juridisch advies. Bepalend zijn de actuele wet- en regelgeving en de beoordeling door je arbodeskundige of preventiemedewerker.

Langzamer afkoelen tussen de pauzes — met een warme kernlaag. Risicovrij te testen met een pilot.

Bekijk de oplossing →

Veelgestelde vragen

Hoe warm moet een opwarmruimte zijn?

Als richtwaarde geldt circa 18 °C, met de mogelijkheid om kleding te drogen en met warme dranken.

Hoe vaak zijn opwarmpauzes nodig?

In uitgesproken koude ruimtes onder −20 °C na circa 45 minuten minimaal 10 minuten; verder volgens de RI&E.

Cart 0

Your cart is currently empty.

Start Shopping